diario de Fréderique

Fréderique Kallen is mede- oprichter en werkzaam in Ayacucho. Via dit dagboek houdt zij iedereen op de hoogte van haar ervaringen.
 

artículos recientes


archivo

2009/2008/2007



Vijf pubers in huis

puesto/a el Tuesday 02 June 2009 | 3 reacciones | consultado/a 2528x

Het pilootproject ‘begeleid kamers wonen’ is gestart. Yefer heeft nog steeds ’s ochtends school en ’s middags de timmerwerkplaats. Maar hij spijbelt veel en elke ochtend is het weer een gevecht om hem op tijd naar school te krijgen. Ik heb alles geprobeerd, overal reageert hij lekker puberaal op. Niet luisteren, een andere kant opkijken of het gesprek afkappen met een ‘het was maar een keertje, jij overdrijft altijd zo.’ Tijdens zijn eerste maanden als puber was ik ongelofelijk trots op hem. Ik zei tegen iedereen: “Hij durft zich nu af te zetten. Dit is heel gezond.” Ik moet om mezelf lachen nu, het was lekker naïef om alleen maar de mooie kant te zien. Als hij ’s ochtends na discussie, zonder ontbijt, met een vlek op zijn blouse een half uur te laat naar school vertrekt, verplicht ik me terug te denken aan hoe hij bij me kwam wonen. Hoe lang het duurde tot ik werkelijk contact met hem kreeg. Hoe lang het hem gekost heeft de drugs en het stelen te laten. En ja hoor, het moederhart laat zich snel vermurwen: wat doet die jongen het toch goed!

 Hij lijkt het moeilijk te hebben met de komst van de andere jongens. Heeft hij het gevoel dat hij minder speciaal voor me is? Zeg ik wel vaak genoeg welke dingen hij goed doet? Als hij de volgende dag thuiskomt uit school knuffel ik hem iets langer. Hij draait zijn hoofd zo dat ik zijn nek beter kan masseren. Ik weet dat ik niet te veel persoonlijke dingen moet vragen, ik geniet van dit moment. Even later komt hij naast me zitten en vraagt of we straks nieuwe CD’s gaan kopen. Ik herken de manipulatie, hij heeft natuurlijk gevoeld dat ik bezorgd was en maakt gebruik van mijn zwakke moment. Ach nee, hij had gewoon behoefte aan die knuffel en het is weer helemaal goed tussen ons. Met een smile haal ik geld op mijn slaapkamer met de gedachte ‘wat de reden ook is, dadelijk zijn we een uurtje samen, dit is goed’.

dagboek3

Foto Chavo, Rubishel en Yefer

Chavo is 16 jaar en woont ook al een tijdje bij mij. Op straat was hij een leider. Hij moet nu niet alleen de strijd voeren met zijn drugs, maar ook met zijn eerdere positie, de vrijheid van de straat, zijn gebrek aan opleiding en de liefde en bezorgdheid voor zijn familie. Hij heeft het al eens opgegeven om voor het ‘gemakkelijke geld’ te gaan, in een baan bij zijn oom. Gelukkig is hij weer teruggekomen om zijn gevecht voort te zetten. Het doet me soms pijn hem zo verward te zien. Het ene moment legt hij zijn hoofd in mijn schoot en zegt: “Ma, het leven is gek he”. Daarna komt een uitleg van 20 minuten waar ik regelmatig de draad verlies omdat hij veel straattaal gebruikt en ook omdat niet al zijn overpeinzingen superinteressant zijn. Het volgende moment geeft hij zijn jongere huisgenoot een lelijke klap tegen het hoofd, zijn grijns verdwijnt snel als hij ziet dat ik het gezien heb. Hij wordt uitgelachen in de lokalen door onze andere adolescenten die –ondanks dat hij het goed kan verbergen-  in de gaten hebben dat hij erg achter ligt op school. Kan hij het redden zonder de leiderspositie? Elke zaterdag mogen ze naar de disco en bijna elke keer komt hij aangeschoten of zat terug. Vragen we te veel van hem en zoekt hij rust in de alcohol? Kopieert hij het gedrag van de mannen in zijn vroegere leven of levert het alcoholgebruik hem misschien veel op, bijvoorbeeld de bewondering van andere jongeren? Is het een vervanging voor zijn vroegere verslavingen (lijm en pasta)? In het team van straathoekwerkers praten we erover, maar in hun opleiding en thuis hebben ze nooit geleerd meerdere kanten te overwegen. Volgens hen is het gewoon niet goed en als Chavo niet minder gaat drinken, moet hij maar ergens anders gaan wonen. We komen tot een compromis: hij hoeft nog niet te werken aan zijn drinken, maar wel aan het vechten. Ik ga na een lange vergadering naar bed met het gevoel dat ik door verantwoordelijkheid te nemen voor de opvoeding van de jongens, tegelijkertijd een langdurige en heftige verantwoordelijkheid op me neem met de straathoekwerkers. En denken ‘dat wist je toch Fredy’, is niet altijd voldoende om rustig in te slapen.

“Wat hebben we het toch goed”

De afgelopen weken heb ik het zo vaak gezegd dat de jongens bij mij thuis de zin al afmaken, me met een verveeld stemmetje napraten of elkaar aankijken met een ongemakkelijke lach. Onze eigen mama heeft dat vaak gezegd, maar tot nog niet zo lang geleden besefte ik niet wat ze bedoelde. Maar ze heeft gewoon al die tijd gelijk gehad, want:

De zon schijnt ’s ochtends door de grote ramen in mijn slaapkamer, we gaan eind dit jaar verhuizen naar een nieuw kantoor dat bijna dubbel zo groot is als het huidige, als we aan tafel lekker eten wordt er een grapje gemaakt en als we uitgelachen zijn zie ik dat de ogen van Jose Luis blijven glinsteren, ik bel met mijn zus Vivian voor haar verjaardag en ze praat zo lief dat ik besef hoe gigaveel ik van haar houd, Yefer en Ruzbel komen -elkaar plagerig duwend- de trap af met hun prachtige schooluniformen, er is een klein probleem op het werk en Elba lost het heel rustig en mooi op,  Rubishel krijgt straf en kan zijn agressiviteit bedwingen, vriend Hector komt op bezoek en doet alle mannenklussen in huis, op Moederdag hebben we met zo’n 15 straatjongens een geweldig uitstapje en ontvang ik een kitscherige kaart die ik zo mooi vind dat de tranen over mijn wangen rollen … en een miljoen andere momenten die maken dat het gat van de vorige maand weer helemaal gevuld is met positieve en warme energie.

dagboek2

Foto: kaart van de straatjongens

En het hoogtepunt van deze maand was zeker het bezoek van mijn zus Cecile en haar man Huub! Ik heb er van genoten en hoop dat ook de anderen van de familie snel kunnen komen!

Ik schreef in mijn laatste dagboek over de moeilijkheden in Ayacucho. De warme stroom aan lieve mails en berichten gaf weer energie en vertrouwen. Ik weet dat sommigen zich machteloos voelen door de grote afstand, maar jullie aanmoediging en bevestiging steunen mij en het team geweldig!

En om even in een heel andere omgeving te zijn, ging ik samen met enkele vrienden naar Pacasmayo, een geweldige dorpje aan de zee. Weinig toeristen, heerlijk strand en constant zon. Verslaafd aan het spelletje koehandel, met angstige Angela toch de golven in gegaan, bijgekletst met Ivan en Sarah en heerlijke momenten met iedereen gehad. Het was GODDELIJK!!

dagboek

Foto: Met vrienden in Pacasmayo

Veel liefs,

Fredy

 

 



<< Terug
3 reacciones | lee todas las reacciones | ¡reacciona!

Joey
Hola Fredi! Hoe bijzonder je eerst te zien in Nederland en om vervolgens weer een bericht uit Ayacucho te lezen.. De feestavond was erg gezellig en volgens mij hebben de jongens zich ook goed vermaakt. De kriebels om weer eens richting Peru te komen worden almar groter, wellicht eens tijd om wat spaarcentjes opzij te zetten voor volgend jaar.. We will see!
Cuidate y espero que te vaya bien, beso Joey